Waarom naar de kerk? (13)

2 september 2011

verbazend veel te doen …

Niet minder dan 21 antwoorden geeft de hervormde theoloog prof. dr. A. A. van Ruler in 1971, in zijn boekje ”Waarom zou ik naar de kerk gaan? ”Om mijn bijdrage aan de gemeente te leveren”, is zijn dertiende punt.

Denk niet gelijk aan grote dingen, zegt Van Ruler bij dit punt: alleen al het naar de kerk gaan is een bijdrage op zich. ”We leveren een stukje van onze kostbare tijd, aandacht en liefde.”

Dat in de dienst aanwezig zijn op zich, is natuurlijk voor Van Ruler niet voldoende. Begin maar,zegt hij, ”bij het binnenpretje dat men zichzelf moet aankweken, over alles wat er in de dienst gebeurt en daarover dat men daar bij mag zijn. Lig maar eens weken in het ziekenhuis en hoor dan maar eens de klokken van je eigen kerk luiden! ”

Als Van Ruler deze stukjes schrijft, kan hij zelf lange tijd door ziekte niet voorgaan. Wellicht dat hij daarom trefzeker beschrijft wat onder luisteraars kan leven. ”Misschien is een heleboel –in de liturgie, in het kerkgebouw, in de prediking, in de andere kerkgangers– niet naar je zin. Dan kun je er voor ijveren daarin verandering te brengen. Maar het is kinderachtig en niet naar de maat van de zaak om eerst te wachten totdat alles veranderd is, zoals jij het wilt hebben en er dan pas plezier in te krijgen; anderen willen weer heel anderen dingen. Wat er is, is ook goed. Het heeft ook het gehalte van het goddelijke mysterie. Daarmee moet je beginnen.”

In een dienst is ”verbazend veel voor de gemeenteleden te doen”, vindt Van Ruler. ”Ze moeten zingen; ongelofelijke bezigheid. Ze moeten de sacramenten gebruiken: zelf gaan; zelf nemen; zelf eten en drinken. Zelf z’n kind ten doop houden. Ze moeten de preek horen en beoordelen vanuit de Schrift , het dogma, de eigen geestelijke ervaring en de moderne cultuur. Dat horen en beoordelen zijn mee de hoogste activiteiten waartoe een mens geroepen kan worden.”

Echt concreet wordt ieders bijdrage aan de dienst in het geven van zijn gaven bij de collecte. Van Ruler: ”Die moet men godvruchtig leren beleven. Al het aardse is –als schepping van God– heilig. Dat is zeker met het geld het geval.” De collecte, zegt hij, is ”ten volle een stukje liturgie.”

In de diepste zin is de beste bijdrage aan de kerkdienst het geven van jezelf, stelt Van Ruler. ” Een mens moet zo ver komen dat hij zijn hart, zichzelf, zijn hele leven overgeeft. Zo alleen vindt hij de vrede en komt hij met zichzelf in het reine. Er moet binnen in ons iets gebroken en verbrijzeld worden. We moeten ons leren toevertrouwen en toewijden aan onze Schepper en Verlosser.”

J. Reijnoudt

Waarom naar de kerk?


Terug naar het nieuwsoverzicht